Hokjesdenken in de GGZ, een lastig gegeven 

Over de verwijzingen en wachtlijsten in de GGZ is de laatste twee coronajaren veel geschreven, en hoewel behandeling van het merendeel van de klachten succesvol is, ligt behandelschade ook op de loer. Klinisch psycholoog en psychotherapeut Bram Bovendeerd werkt bij GGZ-organisatie Dimence en is zich ook bewust van het probleem: “Behandelschade hangt nogal eens samen met hoe wij de GGZ georganiseerd hebben en hoe de samenleving oplegt dat wij deze organiseren. Ik heb mensen in behandeling gehad die zijn misbruikt door hun behandelaar, dan is het vrij simpel. Maar je hebt veel meer vormen.” 

zorgpaden 
De GGZ is momenteel net als de lichamelijke gezondheidszorg ingericht rondom diagnoses en de  daaraan gekoppelde zorgpaden. Dit zijn de behandelopties die volgen na het stellen van een diagnose. In algemene ziekenhuizen werkt dit systeem in de regel goed, maar in de GGZ kleven er ook nadelen aan die diagnoses en bijbehorende behandelingen. Bovendeerd, “Als je die criteria niet meer gaat beschouwen als een richtlijn, maar als dé enige waarheid dan loop je veel kans op het aanrichten van behandelschade.” De meeste mensen vallen volgens Bovendeerd namelijk niet echt onder één hokje.  

“Voordat je het weet ga je niet meer afstemmen op ‘de mens’ die in je kamer zit.” Het is volgens hem dan ook zaak om jezelf voortdurend te toetsen: Is er aan de hand wat ik dacht dat er aan de hand is, en werkt dat ook op de manier die ik bedacht had? 

“Natuurlijk is dat wel spannend om te doen en soms ook wat confronterend omdat je toch niet zo alwetend blijkt te zijn.” Volgens hem is het in de regel zo dat als je dat blijmoedig doet je meer tevreden patiënten krijgt. “Afhankelijk van de organisatie kun je soms wel meer gedoe krijgen omdat je teveel afwijkt van dat wat er bedacht is.”  

Diagnoses 
De DSM-diagnoses zelf vindt hij naast een waardevolle ook een dubieuze kant hebben. Je loopt het risico dat je enkel kijkt naar de symptomen, zonder dat je de context meeneemt. “Bij lichamelijke ziektes speelt dit ook een rol: Bij een gebroken arm duurt het ongeveer een week langer voordat die is aangegroeid als je ook in een scheiding ligt. De context heeft nog veel meer invloed bij psychische klachten, waarbij zaken zoals financiële zorgen, het hebben van een sociaal netwerk en opleidingsmogelijkheden ook een rol spelen in het verdere beloop.” 

“Daarnaast is er veel onderzoek gestoeld op het DSM-handboek en al zijn diagnoses. Verschillende behandelvormen worden namelijk per diagnosegroep onderzocht. Als dan vervolgens van een behandeling driemaal middels onderzoek kan worden aangetoond dat die effect had, is het ‘bewezen’ en kan het in een richtlijn terecht komen. De lobby in wat wel en wat niet onderzocht wordt, speelt hier ook nog een rol in en wordt dan ook nog mede bepaald door de hoeveelheid geld dat er mee verdiend kan worden.”  

Stigmatisatie 
Heb je eenmaal een diagnose, dan worden er voor je het weet allerlei aannames over je gedaan. Bovendeerd vindt dat stigmatisatie op de loer ligt als je iemand überhaupt al een diagnose geeft. “Dat is mogelijk ook al stigmatiserend omdat je vindt dat het vermeldenswaardig is”. Dat ‘verdinglijken’ zoals hij het zelf noemt, heeft ook een ander nadeel: “Voor je het weet heb je een nieuw woord en is het ineens ‘iets’. Dit gebeurde bijvoorbeeld met homoseksualiteit. Mensen vonden er ineens iets van.” Alsof dat nog niet erg genoeg was werd homoseksualiteit vervolgens ook nog een tijd als stoornis opgenomen in het DSM-handboek. Als stempel moest er dan ook ineens wat mee; namelijk behandelen.  

“Door enkel te kijken naar de stoornis, maken mensen ook een karikatuur van zichzelf of van de ander. De rest van hun menszijn of de context blijven dan buiten beschouwing. Dat gaat in tegen wat Shakespeare zei: Dat afhankelijk van het podium waar je op staat, je weer een andere rol of identiteit aanneemt. Hij vond altijd dat context een rol speelde.”  

Reacties

Your email address will not be published.